industrieel erfgoed
Handel en
scheepsvaart vormden eeuwenlang de pijlers onder de Nederlandse economie. Met
ook een lange scheepsbouwtraditie, die levend wordt gehouden door historische
scheepswerven, waaronder diverse rijksmonumenten. Sommige werven wordt nieuw
leven ingeblazen, andere worden ingericht voor nieuwe functies. De Rijksdienst
voor de Monumentenzorg is er altijd bij. Bij rijksmonumenten op formele
gronden, bij andere waardevolle scheepswerven als adviseur, actief betrokken
bij planontwikkeling.
Historische
scheepswerven zijn vooral te vinden langs de kusten en rivieren. Tot ver in de
negentiende eeuw domineerden houten zeilschepen voor binnenvaart, visserij en
kustvaart. Daarna begon de opmars van stalen schepen, aangedreven door
stoommachines en later dieselmotoren.
Naast
traditionele, ambachtelijke scheepswerven kwam in de twintigste eeuw de grote
scheepsbouw tot bloei, waar de enorme zeekastelen werden gebouwd om oceanen mee
te bedwingen.
Vanaf de
jaren zestig ging het met deze bedrijfstak snel bergafwaarts. Grote namen als Verolme, Van der Giessen - De
Noord en de Rotterdamse Droogdok Maatschappij (RDM) in Rijnmond, de Amsterdamse
Droogdok Maatschappij (ADM) en de Nederlandsche Dok-
en Scheepsbouwmaatschappij (NDSM) in Amsterdam gingen ten onder. Van talloze
complexen rest geen spoor meer.
Herbestemming
Van de
RDM en NDSM bleven enorme scheepsbouwcomplexen leeg en verlaten achter, maar
daar gloort nu het zicht op behoud door herontwikkeling
en herbestemming. Ook voor terreinen van De Schelde in Vlissingen,
nog steeds operationeel, worden transformatieplannen ontwikkeld. Stuk voor stuk
locaties die unieke kansen bieden voor wisselende combinaties van wonen, werken
en ontspanning.
Het gaat
daarbij steeds om langdurige ontwikkelingstrajecten gedurende meerdere decennia
voor gebieden van tientallen hectares, waar herbestemming hand in hand gaat met
nieuwbouw om tot een haalbare exploitatie te komen. Cultuurhistorische
verkenningen op gebiedsniveau, zoals vande RDM en
De Schelde, in combinatie met inventarisatie en waardenstelling
op object- en complexniveau moeten bijdragen aan een juiste balans tussen
behoud en vernieuwing. Om actief bij te dragen aan kwaliteitsbewuste
herontwerpen van monumentale gebieden en gebouwen, brengt deRijksdienst
namelijk Cultuurhistorische verkenningen in omloop, waarin op basis van
de monumentale waarden ontwikkelingsmogelijkheden van het monument gegeven
worden.
Tijdelijke
herbestemming in de vorm van bedrijfshuisvesting, openbare voorzieningen en
veel kunst en cultuur is voor deze ‘industriële pauzelandschappen’ een
essentiële schakel tussen heden en toekomst. Om verder verval en verloedering
tegen te gaan, maar ook om gebieden die heel lang geïsoleerde, afgesloten
enclaves vormden gefaseerd weer bij het stedelijke leven te betrekken.
Nauwe
samenwerking tussen gemeenten en marktpartijen is daarbij randvoorwaarde
vanwege de enorme investeringen die daarbij over vele jaren benodigd zijn.
Kleine
werven
Van een
heel andere orde zijn de kleinschalige, traditionele scheepswerven voor de bouw
van bedrijfsvaartuigen. De opkomst van de recreatievaart met historische
schepen – de bruine vloot – heeft de afgelopen decennia geleid tot de
inrichting van museumhavens en herstel van de laatste historische
scheepswerven. Zo zijn rijksbeschermde werven in Spakenburg en Workum gerestaureerd en weer in vol bedrijf en zijn er
plannen actueel voor vele andere werven. Een korte rondblik.
In Hoogezand-Sappemeer wordt Wolthuis, de laatste, in verval
geraakte veenkoloniale scheepswerf voor de bouw
van stalen binnenschepen, nieuw leven ingeblazen. Na restauratie met uiteenlopende
fondsen moet dit rijksmonument in de naaste toekomst als museale scheepswerf
financieel op eigen benen kunnen staan. Gemeente, provincie, Rijksdienst,
eigenaar en particulier initiatief werken hier nauw samen.
De
Gemeente Middelburg en de Stichting Behoud Hoogaars werken nauw samen bij
initiatieven om scheepswerf Meerman in Arnemuiden te
behouden. Meerman, aangekocht door de gemeente, is de laatste werf waar de
karakteristieke, Zeeuwse, houten hoogaarzen werden gebouwd. Een schilderachtig
complex van houten opstallen, dat na jaren van verval grondig opgeknapt moet
worden voordat ook hier weer gewerkt kan worden aan behoud van het varende
erfgoed.
In
Krimpen aan den IJssel was de eeuwenoude werf Van Duyvendijk tot voor kort nog in bedrijf, maar die is inmiddels gesloten. Hier is het vooral het particuliere
initiatief dat ijvert voor behoud van de laatste historische werf in deze
scheepsbouwregio van weleer.
Niet
alleen stokoude, maar ook jongere scheepswerven komen inmiddels
in beeld, zoals in het oude schippersdorp Vreeswijk. Met forse steun van deGemeente Nieuwegein wordt het
kleinschalige, bakstenen complex van de firma Buitenweg uit de jaren zestig en
later omgebouwd tot Museumwerf Vreeswijk. Een geheide publiekstrekker door de
combinatie van werkende scheepswerf, museumhaven en museum voor de binnenvaart.
Gezamenlijk
optrekken
Revitalisering
en herstel van al deze en nog tal van andere monumentale scheepswerven is zo
een duidelijke trend van deze tijd, alleen maar mogelijk door gezamenlijk optrekken
van alle partijen. Naast restauratie moeten ook vele andere hobbels worden
genomen, zoals sanering van bodemverontreiniging en aanpassing aan scherpe arbonormen. Door al deze inspanning wordt niet alleen dit
unieke industriële erfgoed behouden, maar wordt er ook voor gezorgd dat de
groeiende vloot van varend erfgoed letterlijk in de vaart kan blijven.
Peter
Nijhof, landelijk coördinator industrieel erfgoed RDMZ, 030 – 69 83 359
Landelijke
bijeenkomst
In Hoogezand-Sappemeer organiseren de gemeente en Historische
Scheepswerf Wolthuis later dit jaar een Landelijke Expertmeeting Behoud en Herontwikkeling Historische Scheepswerven. Belangstellenden
kunnen zich opgeven bij GolfslagAdvies, Spoorstraat
13, 2801 BA Gouda of via janpieterjanse@golfslagadvies.nl.
Tijdelijke herbestemming is voor deze ‘industriële pauzelandschappen’ essentieel